Home  -> Nieuws Leeg plaatje
18 wetten van de de Nederlandse Bajes
 

Als nieuwkomer binnen Justitie is Adames nieuwste boek: De 18 wetten van de Nederlandse bajes een verademing voor me. Het boek helpt me om snel thuis te geraken binnen het reilen en zeilen van de penitentiaire inrichting. Ex-gedetineerde Adames benoemt op concrete wijze waar gedetineerden tegen aan lopen gedurende hun detentietijd in zijn overzichtelijk gepresenteerde en in 18 hoofdstukken of ‘wetten’ verdeelde boek. Hij blijft echter niet hangen in het probleem benoemen, hij komt met concrete oplossingen hoe je kan werken aan je eigen herstel.

Eigenlijk gaat Adames boek ten diepste over puinruimen. Hoe kan je de scherven – in de eerste plaats als zodanig zien. En wat is er voor nodig om de beschadigingen die je aan je omgeving (directe en indirecte slachtoffers) en je zelf hebt aangericht te gaan opvegen om weer te bouwen aan toekomst? Precies halverwege het boek – gaat het expliciet over werken aan herstel, in hoofdstuk 8 (‘werk aan herstel’). Volgens mij is deze timing goed, want denken aan herstel – zo is mijn ervaring uit het pastoraat – heeft rijpingstijd nodig, je kunt denken in termen van herstel niet afdwingen. In de kernachtige illustratie voorafgaand aan het hoofdstuk speelt een vader met zijn kind onder toezicht van een bewaker. Kernachtig want veel gedetineerden worden zich pijnlijk bewust van hun verantwoordelijkheden dankzij hun kinderen die moeten opgroeien zonder hun vader. Het hoofdstuk gaat over verantwoordelijkheid nemen – wat dat is, over wakker worden en je ineens bewust worden dat de film die zich in je hoofd afspeelt gaat over jouw eigen leven. Waar ben je al die tijd mee bezig geweest, welke slachtoffers heb je gemaakt – erken je überhaupt dat je slachtoffers gemaakt heb, wil je stoppen met criminaliteit?

Hoofdstuk 10: ‘weet met wie je te maken hebt’ raad ik iedere justitiemedewerker en gedetineerde aan. In dit hoofdstuk passeren verschillende typen gedetineerden de revue. Briljant vind ik de omschrijvingen van de hyena die snel op nieuwkomers afkomt – ogenschijnlijk vriendelijk maar met ongezond grote belangstelling voor of er wat te halen valt bij deze nieuwe bewoner. Bijna dagelijks gebruik ik inmiddels de omschrijvingen van vos, klager, stille eenling, nieuweling en Popie Jopie in de communicatie met gedetineerden en personeel. Om gedetineerden te waarschuwen en bewust te maken van het gedrag van bepaalde jongens en om hen er op te wijzen dat ze keuzemogelijkheden hebben en zelf kunnen bepalen met wie ze omgaan en welk contact ze beter mijden.

Regelmatig gebruik ik Adames boek in vieringen en groepsgesprekken – altijd roepen zijn beschrijvingen van het leven in de Nederlandse bajes veel herkenning op. Een zinnetje als: ”soms lijkt het of je niets in te brengen hebt in de gevangenis” (p.15) is een prachtige opening voor een groepsgesprek, bijval gegarandeerd. Leerzaam is Adames rode draad in zijn boek dat je zelf verantwoordelijkheid moet nemen over je leven om er wat van te kunnen maken. Als je wat van je leven wil maken – hoe vol woede of onmacht je ook zit – dan kun je hier vandaag mee starten door je van meet af aan te oriënteren wat je mogelijkheden zijn binnen de Penitentiaire Inrichting waarin je zit. Je kan blijven klagen en de schuld buiten jezelf blijven leggen dat niets lukt – ‘het probleem zijn de bewaarders, bewakers en ‘het systeem’ (Justitie)’ – of je grijpt de tijd die je gedwongen achter tralies moet zitten actief aan om na te denken over wat je ten diepste wil met je leven en je gaat aan de slag om jezelf te ontwikkelen.

Je kan de tijd letterlijk uitzitten – merkt Adames op en pas aan het eind van je detentie je voorbereiden op wat er straks gebeurt wanneer je ontslagen wordt en op straat zal staan. Of je kan starten met het einde van je detentie in zicht en de vraag hoe jij zelf wilt dat je leven er dan uit ziet. Adames reikt praktische tips aan als ‘ongeschreven regels’ (p. 56) om er als nieuwkomer zo snel mogelijk achter te komen wat er speelt op je afdeling – wie er al lang zit, voor welke mensen je uit moet kijken en welk gedrag je beter kunt laten – zoals staren naar medegedetineerden, schulden maken, snitchen en stelen.  Handig is het ook dat je zo snel mogelijk je rechten en plichten leert kennen en ook hiervoor hanteert Adames een rijtje ‘bajesplichten’ (p. 63) als een soort tien geboden van de bajes zoals dat je goed voor je lichamelijke hygiëne moet zorgen en voor een schone cel.

Wat Adames boek zo concreet en praktisch maakt zijn de tastbare voorbeelden die hij gebruikt om jezelf te ontwikkelen: ga sporten, leer een muziekinstrument spelen en een andere taal, zoek regelmatig een geestelijk verzorger op, leer koken en volg opleidingen. Het is allemaal een kwestie van keuzes maken. Hierbij hoort ook dat je kritisch gaat kijken naar je sociale relaties (hoofdstuk 11 ‘onderhoudt goed contact met buiten). Wie zijn je echte vrienden, wie is er goed voor je en als je goed contact wilt onderhouden met buiten kan het helpen dat je eerlijk bent in de communicatie over hoe je je voelt en niet alleen maar bezig bent met zogenaamd de ander te sparen door je groot te houden en hiermee de ander en jezelf voor de gek houdt en kostbare tijd verspilt.

Adames houdt gedetineerden een spiegel voor en confronteert zijn lezers met het feit dat gedetineerden niet alleen op de wereld leven. “Vergeet niet dat het niet alleen om jou draait maar dat anderen er ook meezitten dat je vastzit” (p.98), aldus Adames. Hij denkt met zijn lezers mee – en wil hen verder helpen door hun horizon te verbreden en hen bewust te maken wat en wie er allemaal bij detentie komt kijken. Als ervaringsdeskundige – jaren zat hij zelf achter de tralies - is hij door schade en schande wijzer geworden. Hij schrijft open en eerlijk en beschikt over veel reflexief vermogen. Hij wil de werkelijkheid niet mooier maken dan hij is: weerbarstig en gebroken. Vallen en opstaan horen bij het leven. Adames is geen mooiprater en dat vind ik de grote kracht van zijn boek.  

Als ik per se een kritische noot moet kraken is dat er hier en daar herhalingen in staan maar dit komt vooral ook omdat verschillende hoofdstukken elkaar thematisch overlappen en verwant zijn aan elkaar. De herhalingen zijn niet zo storend omdat het vaak heel praktische tips betreffen voor gedetineerden – dan vergeet je ze minder gemakkelijk J.

Het boek is op een prettige wijze geordend in de 18 wetten met een overzichtelijke inhoudsopgave die je goed kunt gebruiken om eerst die hoofdstukken te lezen waar je als gedetineerde op dat moment het meest behoefte aan hebt. Nancy de Zwart maakte originele, luchtige illustraties met een knipoog. Op subtiele wijze heeft ze oog voor detail. Wanneer je het boek in bezit hebt bekijk dan de oogopslag en houding van de afgebeelde figuren – het lijkt wel of de personages zo weg zijn gelopen uit bestaande PI’s. De Zwart weet veel informatie uit het hoofdstuk dat volgt in één beeld te vatten, anders gezegd: de illustraties corresponderen met de thema’s en dat is fijn lezen.

Ik raad dit boek iedere gedetineerde en medewerker van de Dienst Justitionele Inrichtingen aan. Reynaldo Adames bedankt.

Geert Rozema, rk geestelijk verzorger binnen DGV en DJI

Reynaldo Adames, Rotterdam 2016, Adames is uitgever van zijn eigen boeken, 156 blz, 14,95 euro, ISBN: 978-90-8263-890-5 www.adames.nl/www.roffa.nl. Eerder verschenen van zijn hand: Eens een boef.. Een aangrijpend verhaal over de weg naar vrijheid (2013) en Dader (2016)

terug

Zondag 20 mei 2018  


Zoeken


Lijn










© 2011 - Dienst Geestelijke Verzorging (Dienst Justitiële Inrichtingen, Ministerie van Veiligheid en Justitie)
      Disclaimer