Home  -> Nieuws Leeg plaatje
Schuld of juist schaamte
 

‘Schuld, ik draai rondjes om mijn schuld, en dat gaat maar door. Ik wil het graag zo, want dan kan ik me bezighouden met iets waar je wat aan kunt doen. Ooit is het afbetaald.’

 

Ik heb met veel gedetineerden, jong en oud, man en vrouw, mogen spreken als gevangenispastor. Het waren vaak intensieve gesprekken, waarbij van alles de revue passeerde, maar vrijwel altijd ging het over relaties. Vaak tussen de regels door was er wat te bespeuren van schuldgevoel en -besef. Een welkom onderwerp, want het is behoorlijk tastbaar, bij schuld bid je om vergeving, en dan komt alles uiteindelijk goed. Zeker als je ook de noodzakelijke boete doet en straf draagt.

Lastig vind ik dat andere Bijbelse oergevoel: schaamte. Dat is zo moeilijk hanteerbaar, onontkoombaar, en er is niets dat er bescherming tegen biedt. Het komt plotseling op en verdwijnt weer even snel. Je kunt je er niet op voorbereiden.

Toch lijkt schaamte vaak een groter probleem te zijn voor de gedetineerden (en wellicht alle mensen). Een gedetineerde vrouw vertelde dat mensen haar ontweken toen bleek dat ze een mismaakt kindje had gekregen, wat ze op haar man en gezin afreageerde. Ze schaamde zich voor haar eigen kind. Een jongere zoekt al jaren de erkenning en liefde van zijn vader, maar die wijst hem af, zijn hele leven al. Een oudere gedetineerde had als kind zijn vaders dierbare horloge meegenomen om mee te spelen en was het kwijtgeraakt. Hij heeft nooit durven zeggen dat hij het heeft gedaan, en schaamt zich er nog steeds voor. Schaamte ook waarmee familie angstvallig geheim houdt dat hun geliefde zoon, dochter, broer, zus in de gevangenis zit, en waarvoor. Schaamte bij de gedetineerde die stoer zegt dat hij zijn familie niet op bezoek wil hebben, uit schaamte voor hoe het hem vergaan is. Hij durft ze niet onder ogen te komen.

We kennen allemaal het angstige gevoel geheel kwetsbaar en doorzichtig te zijn, vaak zonder (serieuze) aanleiding, zonder mogelijk verweer. Een voorwerp van potentiële spot, afwijzing en gekwetst worden. Een wond zonder duidelijk litteken, met pijn zonder mogelijke verdoving. ‘Je hoeft je toch niet te schamen …’ Nee, maar je doet het wel, was je maar anders geweest.

Schuld krijgt zoveel aandacht maar bij schaamte blijven we achter. Ook ik als pastor vind het een moeilijk onderwerp. Het probleem is onoplosbaar. Kun je bidden ‘Heer, vergeef mij mijn schaamte’ zoals je bij schuld doet? En als het gaat om een situatie die schaamte oproept maar waar iemand zelf geen invloed op heeft gehad, wat dan? De gedetineerde die als kind is misbruikt en op dezelfde wijze ook de fout in is gegaan, praat niet over zijn misbruikverleden, uit schaamte. De man die door zijn vrouw werd mishandeld, zwijgt erover, uit schaamte. En als je het maar lang genoeg opkropt, barst de bom en ontstaat het kwaad dat schuld(gevoel) veroorzaakt.

Wie heeft er niet dergelijke geheimen, herinneringen waarvan onze tenen kromtrekken. Vaak onschuldig, waar anderen van zouden zeggen ‘waar maak je je druk om’, of moeilijke herinneringen die een levenslange last zijn. We hebben het allemaal, en toch merk ik zelf steeds weer opnieuw dat ik voor die herinneringen vlucht, niet bij machte om eroverheen te stappen ze zich aandienen. Even voel ik me dan zo rot dat ik er eng van wordt in mijn buik en tegen mezelf zeg ‘Denk aan iets anders!’ Maar ik kan het ook hebben als ik een sociaal en professioneel ongemakkelijk gevoel heb, zoals een bijzondere band voelen met een gedetineerde of collega, waarbij de grens tussen professionaliteit en spontaan menselijk gevoel vervaagt. Ik spreek er niet graag over, ‘het gaat wel over’. En ik schaam me, voor het gevoel zelf, en voor mijn onvermogen erover te communiceren.

Ik zou dan best, net als Jezus op die berg (Mattheus 17,1-8), op willen lichten in al mijn naaktheid, en door de ogen van God gezien willen worden. Dan zien dat ik ten diepste goed en mooi ben, en als het ware een stem horen zeggen ‘Dit is mijn geliefde zoon in wie ik vreugde vindt. Luister naar hem.’ En dan weten: ik mag er zijn, helemaal tot in de diepste diepten van mijn lichtdonkere ziel, en ik wordt volledig aanvaard. En wie weet, kan ik dan echt helemaal leven naar de twee grootste geboden: God liefhebben en je naaste als jezelf. Alledrie, onvoorwaardelijk. Zonder de druk van sociale omgeving, van normen en waarden, van mezelf omdat ik zoveel moet van mij.

Dat gevoel herken ik ook vaak bij gedetineerden. De behoefte om er helemaal te mogen zijn, ook met die oude, moeilijke herinneringen die steeds weer opkomen en worden weggedrukt. En de behoefte aan onvoorwaardelijke liefde, die alles ziet en niet oordeelt.

Houdt je niet genoeg van jezelf, als je steeds weer met schaamte wordt geconfronteerd? Soms gaat het goed, dan schijnt de zon en het leven lacht je toe. En dan ineens, als dondrslag bij heldere hemel, schaam ik me als ik vrolijk fietsend even bedenk dat ik goed ben en kijk snel, met het gevoel betrapt te zijn, om me heen of niemand het heeft gezien. En de gedetineerde schaamt zich midden in een vrolijk gesprek met anderen, omdat hij denkt aan zijn kinderen en ze niet kan geven wat hij zou willen. Hij heeft gefaald, ‘iedereen ziet het’. Of de gedetineerde vrouw die zo mishandeld is schaamt zich nadat ze heerlijk gesport heeft, en in de spiegel kijkt. Ze schaamt zich omdat ze niets kon doen om het te voorkomen.

En beiden voelen we ons in onze schaamte eenzaam, en we kunnen er maar moeilijk over praten. Ben ik dan enige, vraag ik me af, die soms frustratie, woede en agressie vanuit de diepte op voel borrelen, omdat ik met mijn gevoel van schaamte uit te sluiten? Het blijft een gevecht. Ik schaam me niet dat ik me schaam, tenminste als ik er nuchter over nadenk, maar ik schaam me toch voor mijn schaamte.

Die berg, daar wil ik omhoog, en veel gedetineerden met mij. En dan zal de rest ook wel lukken. Wij zijn zijn geliefde kinderen in wie hij vreugde vindt.

 

Stijn Oosterling, justitiepastor

RJJI De Hunnerberg

Vrouwengevangenis PI Ter Peel

terug

Vrijdag 18 augustus 2017  


Zoeken


Lijn










© 2011 - Dienst Geestelijke Verzorging (Dienst Justitiële Inrichtingen, Ministerie van Veiligheid en Justitie)
      Disclaimer