Home  -> Nieuws Leeg plaatje
Goede Vrijdag
  Het is de ochtend van Goede Vrijdag. Ik ben nog maar net in het Huis van Bewaring als er een telefoontje van een afdeling is. Of ik met Hans wil spreken. Ik ga naar zijn cel, en meteen vertelt Hans: Na een lang voorarrest zou na Pasen eindelijk een beslissende zitting zijn. Hans heeft goede hoop op vrijspraak. 

Gisteren hoorde hij plotseling dat de zitting vanwege voor hem onbegrijpelijke redenen  enkele maanden is uitgesteld. Hans zit er doorheen. ‘Murw geslagen’, is het woord dat hij herhaaldelijk gebruikt. Van binnen kookt hij, maar hij zal geen gekke dingen doen: ‘Die overwinning gun ik hen niet.’

Hij zal niet naar de paasdienst komen, verklaart hij. Voor hem zal het dit jaar geen Pasen zijn. En: De Paasdienst moet toch een blijde dienst zijn, en hij zou daar misschien zitten huilen. Dat wil Hans de anderen niet aandoen. Misschien bedoelt hij ook: daar zou hij zich voor schamen.

Ik heb zijn keuze geaccepteerd. Heb niet met hem naar redenen gezocht om wel naar de paasdienst te komen.

Pasen, feest van de verrijzenis van Jezus Christus, is het feest van nieuw leven, feest van verlossing uit lijden, onrecht, zonde, dood.  Maar hoe Pasen vieren, als verlossing ver weg is, als het voor iemand Goede Vrijdag is, helemaal murw geslagen? Kan Pasen dan tenminste een feest van hoop worden; hoop dat de verlossing die je nu niet ziet, er toch nog zal komen, ooit?

Ik heb met Hans niet expliciet over hoop gesproken. Heb vooral geluisterd naar zijn ‘murw geslagen zijn’ en alles wat daarmee samenhangt: ingehouden woede, onmacht, teleurstelling, pogingen om de situatie te overleven en zijn waardigheid te bewaren. Hans zocht bij de pastor waarschijnlijk vooral begrip en erkenning van zijn menswaardigheid. Want “begrijp je…?”, of “je begrijpt dat…” waren veelgebruikte zinsnedes. En aan het eind van het gesprek kreeg ik van hem een schouderklopje.

Ik moest na het gesprek met Hans denken aan een leerstuk uit de christelijke traditie. Tussen Goede Vrijdag en Pasen is Christus ‘nedergedaald ter helle’, zegt de geloofsbelijdenis. Christus is aanwezig in de hel van het lijden. Die aanwezigheid is verlossend. Niet pas het beëindigen van het lijden, maar de aanwezigheid in het lijden is verlossend. De kerk, de christengemente na Pasen, is niet een gemeenschap van hen die het lijden voorbij zijn. De kerk, de christengemeende na Pasen,  zijn mensen die in het lijden gemeenschap stichten.

Soms mag de justitiepastor daaraan bijdragen. En kan het voor mensen als Hans Pasen worden. Ook als hij niet naar een blijde paasdienst wil/kan komen.

 

Ludger Schüling, pastor

terug

Dinsdag 21 november 2017  


Zoeken


Lijn










© 2011 - Dienst Geestelijke Verzorging (Dienst Justitiële Inrichtingen, Ministerie van Veiligheid en Justitie)
      Disclaimer